Stamreeks C vijfde generatie Van Schelven

C-Vc
Willem van Schelven, geboren te Biert en gedoopt 10.05.1699 aldaar, molenaar, begraven 20.08.1763 in de Sint Lievens Monsterkerk te Zierikzee, zoon van Isaac (IVj) en Neeltje Bosschieter
huwt 26.08.1727 Zierikzee
Maria van Doesburg, gedoopt 10.08.1704 Zierikzee, begraven 08.12.1738 in de Sint Lievens Monsterkerk te Zierikzee, dochter van Pieter van Doesburg, koster van de Groote Kerk, en van Jobje Jans

kinderen: (alle gedoopt Zierikzee)
1. IZAK, 05.09.1728 (volgt C-VIa)
2. PIETER, 09.04.1730, jong overleden
3. PIETER, 17.06.1731 (volgt C-VIb)
4. NEELTJE, 23.10.1732, jong overleden
5. JOB, 07.01.1735, ongehuwd, begraven 30.12.1758 Zierikzee
6. NEELTJE, 27.01.1737, ongehuwd, begraven 07.04.1759 Zierikzee
7. ADRIANA, 15.08.1738, overleden 28.11.1811 Zierikzee, huwt 06.08.1764 Zierikzee met GERARD SOLLE, geb. Zierikzee, meekoper, begraven 27.06.1792 Zierikzee, weduwnaar van Maatje de Grande

Willem van Schelven, geboren in Biert in het Land van Voorne (zuidwest van Spijkenisse), wordt op 2 februari 1719 als poorter van Zierikzee ingeschreven. Samen met Gijsbrecht Blom kregen zij toestemming om op het Bolwerk te Zierikzee een stenen molen te bouwen op de plaats van de in 1723 afgebroken houten korenmolen. In 1727 werd dit feit vastgelegd door een in de nieuwe molen gemetselde steen. Deze gevelsteen vermeldt onder een bruine lopende haas op een groen veld en tussen de woorden "Den Haas. Kornelia Blom en Jakomine de Kok met haar tweeŽn legden den eersten en tweeden steen den 20 maerte als men 1727 schreven - Willem van Schelven en Gijsbrecht Blom" . Zijn aandeel in deze nog steeds bestaande molen (2003), ging na zijn dood over aan zijn oudste zoon Izak. Zie ook gebouwen voor een uitgebreide fotoreportage over Den Haas.

Meij 10 Annus A.V 1699 - WILLEM - V(ader) Isaak Centen van Schelven M(oeder) Neeltje Cornelisse Bosschieter G(etuige) Grietje Willemse Bosschieter (Doopboek Geervliet/Biert/Simonshaven)

Op 28 January 1722 compareerden voor Johan Erckelens,geadm. Notaris, tot Zierikzee, ten presentie van de naagen: getuygen; Jacob Janze van der Vliet; Jacob Pietersze van der Vliet; Dingenis van Vijven; Cornelis Rijnbergh; Adriaan Farnabuck; Joost de Nooter; Johannis Ockke; Willem van Schelven; ende Gijsbregt Blom; alle respectivelijk molenaars woonende binnen deze stadt, welcke verclaerden met den anderen geaccorddeert; overeen gecomen; en verdragen te zijn bij deezen nopens de respective Godshuijzen waar voor zij Comparanten zijn maalende; Als namentlijk bet Armhuijs, Weeshuijs, Gasthuijs, Manhuijs, en den gemeenen Armen;

Eerstelijk dat ieder gehouden ende verpligt zal zijn; te maalen; soo als sulcx voor dezen al is gereguleert; en vast gestelt;

Ten tweeden dat niemand zijn moolen zal kunnen of moogen vercoopen nogh verhandelen; tenzij met dat speciaal beding hier boven gemeld;

Ten derden dat alle de (baten?) en voordeelen dewelcke weegens het maalen voor alle de huijsen en armen; hier vooren gemeld; zullen mogen worden geprovenieert; bij den respective Comparanten gedeelt ende genooten sullen werden; in even gelijcke portie; sonder dat in conflict zal koomen; off den een veel
ende den ander weijnig, dienst gedaan soude moogen hebben. Wijders ten voorgem: eijnde zij respective Comparanten gehouden sullen zijn jaarlijcx op den 3de Meij bij den anderen te compareeren; ende als een van hun moeten fourneeren; soodanige (somme?) als hij van gem: huijsen of armen ontfing; al waar 't schoon dat hij alle deselve nog niet contant ontfangen mogte hebben; en welcken geenen denselven verpligt zal zijn; sulcx uijt zijn beurs daar bij te fourneeren; en zal als dan Reeckening gedaan, en bij ieder zijn portie (ontfangen?) moeten werden;

Ten vierden dat dit contract ingaan zal en aanvangh neemen zal, met den 3en Meij aanstaande; ende in geenderlij wijsen van hun Comparanten moogen  gebroocken zal mogen werden; op peene dat ieder die sulcx contrarie daaraan zal onderneemen; vervallen zal in een boete van 25 ponden Vlaams, uijt te reijcken ten behoeve van den armen der stede Zzee; Verbindende voorts tot naarcoming tgeene voors: staat, zij respective Comparanten int generaal, ende ieder van hun int bijzonder zijn persoon en goederen; deselve stellende ten bedwange en executie van allen Regten en Regteren, ende Specialijck den Ed.achtb. Geregte
deser Stadt Zzee;

Aldus gedaan en gepasseert binnen Zzee voors: ten presentie van Pieter van der Hoef en Pieter Imansz de
Maat, als getuijgen hier toe verzogt.
(ONA Zierikzee nr.4118, fol. 24,24v, 25 - notaris Johan Erkelens, dd. 28.01.1722)

Op de 26e Juny 1723 compareerden voor Johan Erkelens openbaar notaris in Zzee resideerende, Jacob Janse van der Vliet, Dignus van Vijven, Willem van Schelven, Cornelis Rijnberg, Adriaan Phamabucq, Gijsbregt Blom en Joost de Notten, alle koorenmoolenaars binnen deze Stadt, dewelke verklaren met den anderen overeen gecomen te zijn

Eerstelijk dat zij Comparanten met den anderen ten minste prijs doenlijk sullen coopen de moolen staande op het bolwerk binnen dese Stadt, ende te stont te procureeren en vercrijgen Consent van de Ed: Achtb: H: vanden Raade dezer Stadt tot het afbreecken van dien, naamentlijk dat de Comparanten ieder voor enen een gelijke portie dragen en betaalen;

Wijders verclaart den le Comparant Jacob Janse vander Vliet, ter eenre, met de Comparanten hier boven gemeld, ter andere zijde, geaccordeert en gecontracteert te zijn ingevalle zij Comparanten coopen en vercrijgen consent tot afbreeken en vervangen der moolen aan het bolwerck , den gemelden eersten Compant' sijn een jaar lang ...(onleesbaar).... aan dezen Comparanten op te geeven ende te vercoopen, die sulcx gehouden sullen zijn met de helfte in de schuijre staane in de Nobelstraat, ende in alle de kammen, in het paart, kunne, zeijlagie, steenen ende voorts alle de versch. materialen en gereedschappen daer toebehoorende aan te nemen ende te aanvaarden voor een somme van vijf en twintig hondert Caroli guldens contant en vrij geld voor vrij goed, voort zal den le Comparant binnen voorgem. u'jd zijn halve molen aannemen anden ...., ende soo den 1e Comparant eijgenaar werd van de andere helfte in voors: moolen de Hoope , schuijre, paard, kunne, gereedschappen etc. aancomende Jacob Pieterse van der Vliet de laaste Comparant Sulcx mede sullen aanvaarden, voor soodanige somme van penn: als den voorn: 1e Comparant daer voor sal hebben gegeven of besteed. Ende ingevallen den Comparanten niet kunnen vercrijgen consent tot het afbreeken van voors: molen aan het bolwerck, dat in dien gevalle egter den voorn: 1e Comparant een jaar lang tot naarkomen na dato het voordak(?) om consent afVragen het vermogen kennen en optie zal hebben omme zijnen helft in gem. moolen de Hoope, schuijre en gevolge aan de a(nderen) Comparanten voors. te geven, die als dan sulcx mede gehouden sullen zijn te aanvaarden ende daer voor ingevalle voorn. te betaalen vier hondert ponden Vl(aam)s contant en vrij geld voor vrij goed voorsz. ende de andere helfte als hij 1e Comparant daer van eijgenaar comt te werden van soodanige somme als hij daer voor zal hebben betaald of besteed en gegeven als booven is gemeld

Den eersten Comparant sal ingevalle hij zijn helfte in de voorgem. molen dehoope aan de anderen Comparanten over geeft moeten laten soodanig als dezelve tegenwoordich is/ en vervolgens 't geene inmiddels komt te breecken behoorlijk te repareren ende in voorige staat te brengen dog de andere helft soo den 1en Comparant daer van eijgenaar werd zal hij den voors: helft moeten leeveren in soodanige staat als dan bevonden sal werden.
Tot naarcominge van alle het geene voorsz. staat verbinden den resp. Comparanta boven hunne molens hunne resp. persoon en goederen deselve stellende ten bedwange en executie van allen Heeren, boven regten en regteren en specialijk den E: Achtb: geregte deser stad (etc). Getuigen: Pieter van Couwenhoven, Andries Dirkse (ONAZierikzeenr.4119, fol. 72, 72v, 73 -notaris JohanErkelens, dd. 26.06.1723)

Op huijden den 15e Julij 1723 compareerde voor mij Johan Erkelens openbaar ende bij den Ed: Hove van Holland geadmitteert notaris tot ZZee resideerende, ten presentie van de naarge(noemde) getuijgen: Dignus van Vijven, Cornelis Rijnberg, Willem van (Schelven), Adriaan Pharnabucq, Gijsbregt Blom, en Joost de (Noten), alle koornmolenaars woonende binnen deze stad niij (notaris bekend);

Dewelcke verclaarden voor den inhoude en prompte voldoeninge seeckere schepenen schuldbrief verleeden ende gepasseert bij Jacob Janse van der Vliet mede koornmoolenaar alhier ten behoeve van monsieur Jan de Cock, voor schepenen dezer stad op huijden deze (dag), inhoudende een somme van vier hondert ponden vlaams contant, spruijtende ten saake ende aff deugdelijk geleende penn: tot (coop?) van de helfte in de moole genaamt de Hoope verstreckt; en wel(ke?) moole bij voors: schepenenschultbrief speciaal is verbonden, volgens de gemelte schultbrief waar toe in dezen werd verklaard haar selven ieder in solidum te stellen borgen ende principaale schuldenaaren renuncheerende mits dien van bonificien ordinis divisionis et (ortaflumis?) dat is van onder splitsinge ende uijtwinninge vanden baten vandien ten vollen; Dies sal deser borgtogte zig beperken onder peijne tot een spanne ujd van een jaar; zijn naar behooren voor mij notaris (verleeden?); tot naarcominge van dien verbinden de respective comparanten hunne personen en goederen; deselve stellende tot bedwinge en executie van den Heeren, Hoven, regten en regteren en specialijk den Ed: Achtb: (Gerechte) dezer stad; zijnde ook te vreden zig bij welgem: geregte inhouden dezer vrijwilliglijk te ... en laten condemneeren ten dien eijnde 0;
Aldus gedaan en gepasseert binnen ZZee voors: ten presentie van Willem de Granje en Joost van Meerem als getuijgen hier toe verzogt;
(Getekend:) Dingenis van Vijven, Joos Denooten, Cornelis Rijnbergh, Willem Van Schelven, Gijssebrecht Blom, A.Phbucq, Willem de Graanje, Joos van Meerem. (ONAZierikzeenr.4119, fol. 82, 82v - notaris Johan Erkelens, dd 15.07.1723)
Op huijden den 9en September 1723 compareeren. voor mij Johan Erkelens op(enbaar) no(taris) (): Jacob Janse van den Vliet, Dignus van Vijven, Willem van Schelven, Cornelis Rijnbergh, Adriaan Pharnabucq junior, Gijsbregt Blom en Joost de Noter, alle koornmoolenaars wonende alhier, dewelcke bekenden ende verclaarden soo voor hen zelve als voor hunne possesseurs namaals, ijder in solidum (etc.) wel en deugdelijk schuldig te zijn aan mons. Jan de Kock, ofte desselfs regt vercrijgenden, ene somme van ses en twintig hondert guldens - spruijtende ter saacke van deugdelijke geleende en aangetelde penningen, aan haar soo tot aancoop van seeckere moolen staande aan of op het Bolwerk binnen deser Stadt, () Aldus gedaan en gepasseert binnen ZZee voorn. in presentie van Rocus Janse Dijcke en Judocus van Meerem als getuijgen hier toe verzogt; (getekend:) Jacob Janse vander Vliett, Dingenis van vij ven, Cornelis Rijnbergh,

Gijssebreght Blom, P(harna)bucq, Joos Denoter, Willem Van Schelven, Rokus Janse Dijcke, Judocus van Meerem
(ONAZierikzee nr.4119, fol.99-100 - notaris JohanErkelens, dd 09.09.1723)(door inktvraat moeilijk leesbaar)

Op huijden den 10 meij 1724 compeeren. voor mij Johan Erkelens op(enbaar) no(taris) (): Jacob Janze vander Vliet, koornmolenaar alhier, ter eenre, ende Dignus van Vijven, Willem van Schelven, Adriaan Farnabucq, Gijsb: Blom, en Joost van Nooten, soo voor hen selven als mitsgaders en zig sterkmak(ende) voor de verder gest. p(ar)t(ij) van de koornmolenaars alhier, ter andere zijde, alle wonende binnen deser stadt, mij notaris bekend Ende verclaarde den 1e Comparant' aan den T Comparanten vercogt geh: door(?); Comparanten verclaarden van den 1e Comparant gecogt te hebben de helfte in zijn () coornmoolen genaamt de Hoope, staande en gelegen op de Stadtwalle of de lange Pad mitsgaders den helfte vanden schuijre staande aan de zuijtzijde van de Nobelstraat (), mitsgaders de helfte in het Witte Paart, hoog(e) kammen, zeijlagie, ingaande steenen, schaalen, gerigte ende voorts alle gereedschappen tot de moole(n) en schuijre gehoor(en)d (); voorts met alle soodanige regten, vrijdommen en geregtigheeden lijdende en domineer(ende) dienstbaarhede(n) als die voorn. moolen ende schuijre soude mogen hebben, en subject soude mogen zijn, () voor een somme van ses en twintigh hondert Caroli guldens, vrij geld voor vrij goed ()
(ONA Zierikzee nr.4120, fol. 86-87 - notaris Johan Erkelens, dd 10.05.1724) (door inktvraat zeer slecht leesbaar)

Op huijden den 21en Junij 1724 compareeren voor mij Johan Erkelens op(enbaar) no(taris) ():WUlem van Schelven, Adriaan Farnabucq, Joos de Nooter, Gijsbregt Blom, Teunien(?) Booms weduwe van Cornelis Rijnberg, alle wonende binnen deeze stad niij notaris bekend dewelke verclaarden bij deezen te constitueren en volcoomen magtigh te maken den persoon van (Dingnus van Vijven), ten einde omme namens hen voor heeren schepenen dezer stad ende anders 0 uij t den naam ende voor naagem(elde) comparaten te bekennen en verlijden ieder in solidum en den een voldoende de ander, wel en deugdeh'jk schuldig te weezen aan monsieur Jan de Cock coopman alhier () vercrijgende de somme van vier hondert (Carolus guldens) uijt saacke van geleende en aangetelde (penningen) ()
(ONA Zierikzee nr.4120, fol. 98-98v - notaris Johan Erkelens, dd 21.06.1724) (door inktvraat zeer slecht leesbaar)

Op huijden den 4 Julij 1724 compareeren voor mij Johan Erkelens op(enbaar) no(taris) 0-' Willem van Schelven, Adriaan Farnabucq Junior, Joost de Nooter, Gijsb: Blom en Tonia(?) Boons wed van Corn: Rijnbergh, alle won: binnen deeze stad niij notaris bekend verclaarende bij deze te constitueren en volcoomen magtig te maken () Dingnus van Vijven, ten eijnde namens comp () voor h(eren) schepenen van des(er) stad ende and(er)s () (te bekennen en te verlijden) wel en deugd(elijk) schuldig te weezen aan mons. J: d: K: coopm: alhier () vier hond(ert) Car.gld 0 spruijtende ter saake van gel(eende) en aanget(elde) penn(ingen); () (verzekerd) specialijk op die helfte in de coorenmoolen genaamt de Hoope staande en ge(egen) op de stadtwalle of de lange pad ()
(ONA Zierikzee nr.4120, fol. 109-109v - notaris Johan Erkelens, dd 04.07.1724) (door inktvraat moeilijk leesbaar)

Op huijden den 4 Julij 1724 compareeren voor mij Johan Erkelens op(enbaar) no(taris) Q: Adriaan Farnabucq den oude, Dignus van Vijven, Willem van Schelven, Joost de Nooter, Gijsb: Blom en Tonia Brons wed van Corn: Rijnbergh, alle won: binnen deeze stad mij notaris bekent, te kennen gevende dat tuijchende zekere coornmool(enaars) alhier te hebben aangeworven twee moolens, namcntl(ijk) een aan off op het Bolwerk en een op den Stadt walle ofte de lange Fade, en dat te dien eijnde mons. Jan de Cocq nag: opgenoomen ()
(ONA Zierikzee nr.4120, fol. 110-1 lOv - notaris Johan Erkelens, dd 12.07.1724) (door inktvraat zeer slecht leesbaar)

Willem van Schelven, j.m. van Biert in het Land van Putten huwt Marie Doesburg, j.d van en beiden won. Zierikzee - 26.08.1727 (Trouwboek Zierikzee)

Op huijden den 18 Meij 1728 compareerden voor mij Isacq van der Zwaan, Land ende bij den E: Hove van Holland geadmitteerd Not: binnen ZZee residerende, in presentie van de naergem: getuijgen de Eersaeme Sent van Schelven, Cornelis van Schelven en Willem van Schelven, zijnde mij Not: bekent dewelke verclaerden te constitueren en volcomen magtig te maeken de Hr: Pieter van der Stoup Not: en Proc: tot Strijen speciaelijk om uijt den naem ende wegens hun comp(aranten) met de verdere vrienden en geintereseerdens te treden ten Sterfhuijse van wijlen Saere Cent van Schelven, hun comparanten's moeije zaliger, dewelke onder sig heeft gehad en beseten den boedel van wijlen Cent van Schelven, hun comp(aranten) grootvader zal(iger) gelijk mede die van wijlen Jan Swart haer voor-overleden man zal(iger), den voors: boedel ordentlijk en exactelijk te examineren, deselve te adieeren simpelijk off wel onder benifitie van inventaris mitsgaders deselve te sepudieeren

Wijders deselve te doen en helpen inventariseren, als mede sulck te rade werdend de voors: boedels te doen separeeren, de reesch daer van te helpen doen en bijwoonen, deselve te examineeren, debat-theeren, en doen afleveren, daer over te mogen accorderen, transigeeren, en compromitteren, soo met vrienden als met de krediteuren van de voorsz: respective boedels hun comparanten portie soo bij uijtcoop, off deelingen te ontfangen, en wijders verder alles dien aangaende te doen en verrigten het geen noodig bevonden zal werden en sij comparanten selfs present sijnde eenigsins soude connen off vermogen te doen, al 't schoon dat daer toe eenige naedere en speciaelder last mogt werden gereq: dan voorsz: staet die gehouden wert voor in deesen te zijn geinsereert en uijt gedr... en

Wijders nog wegens hem 3de comparant Willem van Schelven te innen, vorderen en ontfangen desselfs pretensie en agterwale hem comparant van den boedel van wijlen voorn: Sara Sent van Schelven competerende, sodanig en in dier voegen als sulk best zal connen geschieden, beloven sij comparant: wegens al 't geene voorsz: staet, en bij den geconstitueerde uijt cragte van dien eenigsins zal werden gedaen en verrigt te sullen approbeeren, ratificeeren, en goedkeuren ten verbande als naer regten,

Mits den geconstitueerde gehouden en verpligt zal sijn van desselfs ontfangh, handel en directie te doen behoorlijke Rechtbewijs en Reliqua, onder verband als vooren.

Aldus gedaen en gepass: binnen ZZee voorsz. ter presentie van Stoffel adriaanse van Esten, en Jan Janss bochelt als getuijgen hier toe (per)soonlijk aanwezig
w.g. Cent Van Schelve, Cornelis van Schelve, Willem Van Schelven, handmerk van Stoffel adriaens van Esten, Jan Janse Bogelt, 't Welk getuijgd J.V.D.Zwaen - Not: Publ: 18.05.1728 (ONA Zierikzee nr. 4143 -fol. 120/120W121)

Op huijden den 15 Julij 1732 compareerde voor mij Johan Erkelens openb. nots. bij den ZdHove Proviciaal geadmitteerd binnen ZZee residerende in presentie van nagen. getuijgen Adriaan Saamstig de Jonge als sijnde dato deser hebbende van sijnen vader Adriaan Farnabucq (den oude) en Joost de Nooten, Staen Heijltje den Herder wed. van Dignus van Vijven en Jan de Nooten, mitsgaders Willem van Schelven en Gijsbregt Blom alle koornmoolenaars woonende binnen deese stad mij nots. bekent

Tekenen gevende dat zij compts. op den 12 Julij 1729 voor mij nots. en seeckere getuijgen hadden opgesegt seecker contract waarbij onder andere was geconceneert dat van ieder sak gemaalen graan soude moeten werden betaalt een stuijver...
(ONA Zierikzee 4128 - fol.57,57v,58)

Maatje van Doesburg, vrouw van Willem van Schelven is getuige bij de doop van Willem, zoon van Cent van Schelven en Neeltje Fokkers - 25.12.1734 - (DTB Haamstede)

Maria van Doesburg getuige bij de doop van Johannes, zoon van Jacob van Doesburg en Cornelia de Vos -18.06.1752 (DTB Zierikzee)

Willem van Schelven was samen met J.B.Boom en Pieter van Doesburg (zijn schoonvader) voogd over Jacobus van der Vliet en wordt bij die kwaliteit aangesproken. Zij hadden op hun verzoek door de makelaar Gijsbert Prinsen in July 1736 een contract laten sluiten, "ingevolge van het welke de voorn. Jacobus van der Vliet gehouden zoude zijn den Heer Requirant Benjohan Furly, koopman, te dienen gelijk een goed comptoir-knegt schuldig is gedurende den tijd van vijf agtereenvolgende jaren, om aldaar de negotie te leeren, en inmiddels ten huyze van den Heer Requirant te worden verzorgt van behoorlijke kost, drank en logement waar voor de gen. voogden aan den Heer Requirant te betalen de somma van 350 gulden sjaars ing. 1 Sept. 1736 eneyndigen 1 Sept. 1741"

Benjohan Furly, koopman te Rotterdam, constitueert en maakt volmagtig Gijsbert de Jong, won. Zierikzee, om van de Heeren in qualiteit als voogden te eijschen voldoeninge en prestatie van het contract - 02.06.1738 (N.A.Rotterdam inv.2028/blz.453)

Sieur Gijsbert Prinsen, beeedigd makelaar, verklaart tb.v. Benjohan Furly, dat hij op verzoek van de heren Boom, Van Doesburg en Willem van Schelven, in qualiteit als voogden over Jacobus van Vliet zich bij Requirant heeft vervoegd en een contract heeft gesloten -12.06.1738(N.A.Rotterdam inv.2028/blz.473)

John Furly Minor, koopman, handelend namens erfgenamen van Benjohan Furly, subsistueert en maakt volmagtig Gijsbert de Jong, won. Zierikzee, om van de voogden te eijschen vergoedinge van alle schade en nadeel geleden door de nonprestatie van zeker contract gesloten in de maand July 1736 - 10.02.1739 - (NA Rotterdam inv. 2029/blz.359 -acte 19)

Nademael den ondergesz. ter ooren is gekoomen dat Maria Gilles van Roemerswaele zigh niet heeft ontsien voor te geeven en schandelijk te seggen, dat ik ondergesz. met haer vleesselijk zoude hebben geconverseert, Ende gemerkt soodaenig voorgeeven is onwaer en eerroovende soo sal den eersten notaris, hiertoe verzogt met twee getuijgen geadsisteert zijnde zigh vervoegen aen de voora Maria Gilles, ende haer afvragen off zij bij het voorgezegde persisteerd, ende derhalve blijft staende houden dat den ondergesr: haer vleesselijk bekend soude hebben, dan off zij integendeel het voorsz: herroept, verzoekt hier op cathagories antwoord, bij refuijs off delaij soo protesteerd wel expresselijk van alle costen, schaden intressen, en verdere inconvenienten reeds gehad en gelceden ende nog verder te ontstaen hebben en lijden en lecteert dit wedervaeren in geschrifte. w.g. Willem Van Schelven - 15.09.1740 (ONA Zierikzee nr. 4136 - fol. 84) Op heden den 29 Meij 1755 cope, voor mij Charles 's Graeuwen, Publ.Nots. binnen ZZee residerende in presentie van de getuigen nagenoemd. Messieurs Jan de Noten, Willem van Schelven, Gijsbregt Blom Koorn Molenaars binnen deze Stadt, mitsgaders Pieter Telle en Leendert Adriaanse Vijverberg, Huistimmerlieden en Molenmakers, mede wonende binnen deze Stad, in staat om der waarheid getuigenis te geven;

Dewelke ter liefde van de waarheid, samen ter requisitie van Roeland Leendertse Stuir(!) verklaarde waar en nun depost. volkomen kennehjk te zijn, dat of schoon er eenig vet tusschen het wiel en de vang van een wind mole mogt wesen gevallen, en al schoon er aan het wiel of de vang of tusschen het wiel en de vang eenig vet was gesmeerd, hoe dik dat het vet dar mogt zijn aangedaan, daaruit nooit geen ongemakken aan zoo een mole konnen ontstaan, veel meer dat zoo een mole daardoor meer als op een ander tijs en dat er geen vet aan 't wiel en de vang was gesmeerd, aan den, aan den brand of ook aan stukken zoude kunnen maalen, zoo namentlijk die middelen werden in 't werk gesteld die alle kundige en ervaren molenaars gebruiken, wanneer ze in dergelijke omstandigheden en dat him mole door de vang loopt,  zig bevinden;

Present aan de respective depositeuren tot bevestiging van hun vorig gedeposeerde, des verzogt zijnde en mits hunne kosten en moeite werden betaald, daarvan een proef te geven, met namenthjk tusschen het wiel en de vang van de Mole van Brouwershavenvet te smeeren of laten smeeren na iemands genoegen, en alsdan de mole te laaten nialen en zoo sterk te laaten omloopen als men ooit of ooit ziet, wanneer zij depositeuren aannemen dezelve mole te vangen en doen op houden met malen, met aanbod om alle datgene daar door mogt breken en generalijk alle schade die daar door mogt veroorzaken, op hun eige kosten te zullen herstellen en doen herstellen.

Ende verklaarden depositeuren verder, dat er door het meenigmaal vangen van een windmole van de vang in het wiel eenig vijlsel of slijtsel, of slijt, dat zeer na vet gelijkt, als dat veel of wel meest alle luiden geen molenaars of molemakers zijnde en dat vijlsel niet wel komende, voor vet zoude aanzien voor al zoo de mole een dag of weer heeft stil gestaan, en nog meest als het dan dof of regenagtig weer is.

Eindelijk zoo verklaarde den laatsten depositeur dat hij op ordre van de Secren. Regenten van Brouwershaven, na dat den Regtt: van de Koornmole der gem: Stad was afgegaan, en ten tijde dat Pieter Botbijl als molenaar op dezelve ageerde, op de vang derzelver mole een klemme heeft gemaakt of wel door zijn knegt doen maken, dat ook zijn zoon en andere knegts van hun depost: hem hebben verhaald dat voorn: Botbijl hun hadde gezegd, voor dat voorsz: klemme was gemaakt, dat de voorn: mole was door de vang geloopen.

Hier mede eindigen de deposanten deze hunne verklaringe, gevende voor redenen van wel wetenschap, te weten de drie eerste deposanten, als van der jeugt af aan, in het voorsz: metie(r) te zijn opgevoed, geinstrueert, en tot heden toe zelve te hebben geŽxerceerd, en al het zelve bij eigene experientie met betrekkinge tot het tweede lit van hunne gegeven verklaringe ten vollen kundig te zijn, met aanbod ook des noods en hier toe nader verzogt, dat gedeelte van hunne getuigenis met solemneelen ede te bevestigen.

En de laatste deposanten geven voor redenen van wetenschap als in den text en door hunne ambagts kunde bewust.

En nog den laatsten depositeur met relatie tot het geen hij afzonderlijk in dezen verklaard alle 't zelve in goede geheugen te hebben, presenteerende mede, is 't nood en dar nader toe versogt, dat met ede te bevestigen.

Aldus gedaan en gepasseerd in de tegenwoordigheid van de Messieurs Jan Cornelisz. en Anthonij Isacks Compagne, als getuigen. - w.g. Jan De Noten, Willem Van Schelven, Gijssebreght Worn, pieter telle, J^eendert Vijverbergh, Jan: Corn: Companje, Antonij Companjje, Charles 's Graeuwen - Nots: Publ: - 29.05.1755 (ONA Zierikzee nr. 4184 - akte 136)

Heden den 30" Maart Ao 1756 compareerde voor mij Charles 'sGraeuwen, openbaar Notaris residerend binnen ZZee: ter presentie van de ondergenoemde getuigen, den Eerzamen Willem van Schelven, Meester Molenaar, wonende alhier, mij notaris bekend: hebbende zijn volkome verstand en onbelemmerde uitspraak;
Denwelken te kennen gaf, uit zijnen vrijen wil te rade te zijn geworden bij Testament over zijne goederen bestellinge te doen; alvorens vernietigende alle voorgaande testamenten en codcillen;
Ende komende ter dispositie, verklaarde hij Testateur te prelegateren aan yder van zijne twee dogters Neeltje- en Adriana van Schelven, de somma van drien tachtig ponden, ses schell. en acht grooten Vis:
En zullen een ijder van zijne kinderen vermogen na zig te neemen, zonder daar voor iets in zijnen boedel in te brengen, zoodanige kleederen, linne en wolle, goud, zilver, juweelen en spaarpotten, waar van dezelve op zijn overlijden zullen voorzien zijn.

Voorts verklaard hij Testateur aan den oudsten van hun de keuze te laten, om het huis, erve en gevolge bij hem Comparant bewoond werdende, te mogen aanvaarden voor zoodanigen somma van penningen als het de gezwoore Stadservscheiders dan zullen waardig oordeelen. Maar dezen daar toe niet inclineerende ofte vooroverleden zijnde, zal dezelve vrije keuze, overgaan op den tweeden, en van die, op de derde en zoo vervolgens tot op de jongste van zijne kinderen; mits allen op hunne beurt binnen ses weeken na zijn Comparants overlijden, zig daar omtrent rondelijk verklarende.

Ook verklaard hij Testateur aan zijnen jongsten zoon Job van Schelven, mede onder gelijke verpligting de keur te geven, om voor zig te mogen aanneemen zijn Testateurs helft in de Koornmole genaamd de Haas, staande op het Bolwerk deezer Stad nevens de wagens, paard, en verdere gevolgen van dien, zoo als hij Comparant dat op zijn overlijden in gemeenschap zal bezitten. Mits daarvoor in den boedel inbrengende de somma van Elf Honderd ponden Vlaams, vrij goed voor vrij geld, dog bovendien tot zijnen laste hebben de ongelden die deswegens zouden moeten werden betaald, als mede 't geene voor recognitie jaarlijks uitgekeerd werd, en dat ter zake van zijn Testateurs portie in den gedane uitkoop van de afgebrooke Koorn-molens nog te betalen, daar entegen voor rekening van de gemeenschap ook er uit nog te ontvangen staan mogte, ende verder zig moeten gedragen aan zoodanige accorden, als tusschen den Testateur en zijn Compagnon ende de andere molenaars mogten aangegaan zijn. Maar ingeval den voorsz.: zijnen jongsten zoondat die aanneeminge niet kon verstaan, en over zulks daarvan af te zien ofte ook dat denzelven voor hem Testateur overleden was, wild en begeerd hij Testateur dat die optie en keuze on maniere als boven overgaan zal tot zijne overige dan levende kinderen, me.de van den oudsten af tot de jongste toe, onder gelijke verpligtinge tot verklaringe dien aangaande als boven is gezegd. Nomineerende en institueerende wijders hij Testateur zijne gezamenlijke kinderen of itindskihderen bij representatie, in het van deze zijner nalatenschap tot zijne Ervgenamen zoo als na regten moeten leven.

Eindehjk steld hij Testateur tot executeur van dezen testaments, in zijnen natelaten boedel, en tot voogd over zijne minderjarige ervgenamen zijnen oudsten zoon Isaak van Schelven, met zoodanigen amplen magt en gezag, tot regulieringe van zijne begravenis en van alle verdere zaken des boedels, als een executeur en voogd kan werden gegeven. Voorbehoudende hij Comparant nogtans aan zig de magt en vrijheid,'om boven zijne particuliere handtekening, ongek. in eenige getuigen, onder grosse dezes, een of meer persoonenin beide der quah'teiten nevens of in de plaats van zijnen voornoemden zoon te konnen benoemen en aanstellen: dien hier mede, de magt tot assumptie en surrogatie werd geconfereerd ten einde toe.

Nog verklaard hij Comparant in maniere voorsz: aan zig te reserveeren de faculteit, niet alleen om de voorgedane prelegaten te mogen vermeerderen of verminderen, vernietigen, en andere toetedoen, maar ook, om in de gemaakte schikkingen, zoo omtrent deszelvs woonhuize, als portie-molen met den aankleev van dien, beide in den prijs der aan rekening, en in de aannemers van die panden, onder dezelve ofte ook onder nieuwe restrictien, zoodanige veranderingen te mogen maken, als hij zal komen goed te vinden. Willende dat al hetzelve, en waar van verder alzoo mogt komen te blijken, hebben gehouden van die kragt en waarde als of in dezen geijnatereert, en in optima forma gedaan waare.

Alle 't welke voorsz; staat hem Testateur duidelijk voorgeleezen, en ook bij stem, (zoo hij zeide:) wel verstaan zijnde, begeerde dat dit instrument volkomen kragt grijpen zal't zij als testament, of codicil, zoo en in diervoegen 't zelve best zal konnen bestaan: verzoekende daar omtrent de uiterste weldaad.
Aldus gedaan en gepasseerd, in tegenwoordigheid van Adriaan SUnger en Willem van Kleef, als getuigen beiden mede alhier woonende - w.g. Willem Van Schelven, Adriaan Slinger, Willem van Kleef, Charles Praeuwen, Nots: Pub: - 30.03.1756 (ONA Zierikzee nr. 4184 - akte 156) Heden den 26 Novemb: 1759 compareerde voor mij Charles 'sGraeuwen, Notaris residerend te Zierikzee den Eerzamen Willem van Schelven, meester Moolnaar, wonende alhier, mij notaris bekend: hebbende zijn volkomen verstand en onbelemmerde uitspraak; Denwelken te kennen gaf, uit zijnen vrijen wil te rade te zijn geworden bij Testament over zijne goederen bestellinge te doen; alvorens vernietigende zijne voorgaande testamenten en codcillen en andere Attest van uiterstte wille; Komende ter Dispositie, verklaard hij Testateur

Eerstelijk te prelegateren aan zijne Dogter Adriana van Schelven de somma van drieentachtig ponden, ses schillinge en agt Grooten Vis.;
En zal een yier van zijn kinderen vermogen na zig te nemen en behouden, zonder daarvoor iets in zijnen boedel in te brengen als daartoe (zoo hij Comparant verklaart) niet, maar wel hun in het bijzonder toe-behoorende alle zulke kleederen, linne en wolle, ongemunt goud, zilver en juweelen mitsgaders spaarpotten, waarvan dezelve op zijn overlijden zullen verzien zijn.

Verklaard wijders aan de oudste van hen in optie of keuze te laten, en het huis, erve en gevolge bij hem Comparant bewoond werdende te mogen aanvaarden voor zoodanigen somme van penningen als het de Stadservscheiders dan waardig zullen oordeelen. En dezen daartoe niet inclineerende of vooroverleden zijnde, zal dezelve vrije keuze overgaan op den tweeden en bij uitlandigheid of renuntiatie van dien, op de derde off laaste van zijne kinderen: mits allen op hun beurt binnen ses weken na zijn Comparant overlijden, zig daar omtrent rondelijk verklarende.

Ook verklaard hij Testateur zijnen zoon Izaak van Schelven mede onder gelijke verpligt declaratoir de keus te geven, om, voor zig te mogen aannemen zijn Testateurs helvt in de Wint-Koorn-molen genaamd De Haas staande op 't Bolwerk dezer Stad, nevens de wagens, paard en verdere gevolge van dien, zoo als hij Comparant dat op zijn overlijden in gemeenschap zal bezitten; Mits daar over in den Boedel inbrengende eene somma van negenlionderd Ponden Vis. vrij goed voor vrij geld; dog bovendien tot zijnen laste hebbende de ongelden die deswegens zouden moeten werden betaald, alsmede 't punt voor recognitie jaarlijks uitgekeerd werd, en dat ter zake van zijn testateurs portie in den gedane uitkoop van de afgebroken Koorn-molens nog te betalen, en daartegens voor reekening van de gemeenschap ook daaruit nog te ontvangen staan mogte; En verder zig moeten gedragen aan zoodanige accorden als tusschen den Comparant en zijn Compagnog met de andere Molenaars mogten aangegaan zijn; Maar bij aldien den voorsz. zijnen zoon tot die aanneming niet kon verstaan, en alzoo daar van kwam af te zien, of ook dat hij voor hem Testateur overleden was, wild en begeerd den Testateur, dat die keuze overgaan zal tot zijne overige dan levende kinderen, in ordre, maniere en onder gelijke verpligting tot verklaringe als boven en meer is gezegd.

Wijders nomineerd en institueert den Testateur zijne gezamenlijke kinderen, zijne Ervgen. of kindskinderen bij representatie, in het verdere van zijn nalatenschap, de voorsz. respectieve in te brengen sommen inbegrepen, zoo en dier voegen als zij na regteren moeten erven. Edog ten opzigte van zijnen zoon Pieter van Schelven, met dezen verstande en expresse voorwaarde, dat de somma van driehonderd ponden Vlaams, uit dit zijn vaderhjk ervdeel of zoo veel minder als dat zoude mogen bedragen, zijn leven lang gedurende zal moeten verblijven onder het bewind en administrate van den na te benoemen executeur, dien 't zelve ter begeerte van die van zijn testateurs kinderen, die dan of andertijds pocesseur van zijn portie mole zal zijn of werden, aan den zelven zal vermogen over te geven onder speciaal verband van dat hipotheecq ten behoeve namentlijk van zijnen laastgenoemde zoon Pieter van Schelven, of bij zijn aflijvigheid van zijne wettige descendenten bij representatie, omme daarvan door hem of haar gedurende hunne minderjarigheid of eerdere geabprobeerde state te genieten de jaarhjkse revenuen tegen drie ten honderd in te gaan of aanvang zullende nemen ses weken na zijn comparants overlijden. Anders zal het den voorsz. executeur vrij staan, daar voor aan te koopen of op deze proventie of ook op andere publcorporaas ten coeveante interesse aan te leggen zoodanige effecten, als hij dan ten beste verkieslijk zal vinden, waarmede dat van zelven zijnen zoon zig zal moeten tevrede houden van den tijd des aankoops of aanlegs af, zonder egter daar over te weten over het capitaal ofte eenig gedeelte vandien gelijk ook niet zijne kinderen na hem, staande hunne onmondigheid, zig deswegens geene de minste dispositie zal of zullen hebben aantematigen, als dat niet alleen striktelijk verbiedende (except nogtans het geene zijne Patrimonium boven de voorsz. £ 300 Vlaams mogt komen te renderen, dat voor Hem of Hun volkomen vrij laat, maar ook bij onstentenis van wettige lijvserven, naardien het van den eenen minderjarige overlijdende op den anderen derzelver (en contrarie geval) tot den laasten van het toe eerst zal moeten desolveren en overgaan, indien Regten Eigendom daarvan substitueerende, zijn Testateurs overige dan levende kinderen of kindskinderen bij representatie als voren. Maar ingeval meergemelden zijn Comparants zoon Pieter van Schelven met die dispositie als boven gezegd is, niet tevreden was, maar zig daartegen in eenig opzigte opposeerende, zijne legitime portie kwam te begeeren, zoo verklaard Testateur hem daarin alleenlijk en op het engste genomen te institueeren. Des, hij, in zoo ongehoopt een geval, niet alleen van alle andere voordeelen en tijdelijke verkiezingen boven breeder genareert teenemaal zal versteken zijn en blijven, maar ook (des noods) met de tauxatie van 't voorsz. portie Mole en toebehooren, door neutrale of andere gepriviligeerde lieden , deskundig, ten faveure en requisitie van zijnen broeder of zuster, aan wien de vrije keuze tot overneminge daar van in ordre als dan staan zal, zal moeten afzien en zig te vreden houdea

Terwijl nogtans in 't geene zijn vaderlijke ervportie anderzints meerder zou hebben bedragen door hem Testateur, werden geroepen en geynstitueert onder bepalinge als voren en rabatteringe van 't geent het meergedagte portie Mole met den aankleer van dien hooger als het daarvoor gestelde mogt werden getauxeert, te weten ten profijte alleen van die zijner Comparants kinderen, die het zelve alzoo mogt hebben aanvaard, zijn voorsz. zoon Pieter's agtertelatene wettige descendents ten behoeven van welke dat gedeelte ervenis een capitaalje konnende uitmaken, staande het leven van hun vader en van hunne minderjarigheid, dog zonder uitkeringe van intrest ten zij na zijnen dood, tot waare aan toe die voor hun zal moeten oploopen, zal moeten werden geadministreert in manier als voren. Dog bij gebreke van zulke wettige lijvserven, of die alle minderjarig komende te sterven, dan institueert of wel substitueert hij Testateur in derzelve plaats onder verbod van aftrek, der trebellianique portie, zijne overige dan levende kinderen of kindskinderen mede bij representatie te weten in dat surplus met het accres. Eindelijk steld hij Testateur tot executeur van dezen testamente in zijnen natelaten boedel en tot voogd over zijne minderjarige en toezigt behoevende ervgenamen, zijnen oudsten zoon Izaak van Schelven, of dien hij daartoe nevens hem en in zijn plaats 't zij op de grosse dezes of ook anderzints boven zijne particuliere handtekening nog mogt goedvinden te benoemen, gevende hiermede aan hem zoodanige ample magt en gezag tot reguleering van zijn Comparants begravenis, en alle verdere boedelzaken, mitsgaders tot assumptie en surrogatie, ten uiteinde van de voogdije en administratie toe, als aan executeurs en voogden kan worden gegeven.

Voorbehoudende wijders aan zig de magt en vrijheid om in manier als gezegt is, niet alleen eene nadere aanstellinge van administreerende en toeziende executeur en voogden te mogen doen, maar ook deze dispositie zelve, zoo in betrekkinge tot het prelegaat als tot de gemaakte schikkingen en bepalingen van de overneminge der vaste panden, als anderzinds, 't allentijde als zulks mogte goedvinden te konnen en mogen amplieeren, of diminueeren, jaa ook gedeellijk 'tanulleeren, en nieuwe schikkingen 'tintroduceeren. Willende al 't geene waarvan alzoo mogt komen te geblijken hebben gehouden van die kragt en waarde als of in dezen woordlijk geinsereert ware.

Alle 't welke voorsz: staat hem Testateur duidelijk voorgelezen, en ook bij hem (zoo hij zeide) wel verstaan zijnde, begeerd hij dat volkome kragt grijpen zal, 't zij als testament of codecil zoo in dier voegen 't best zal konnen bestaan.
Aldus gedaan en gepasseerd in de tegenwoordigheid van Barend van der Jagt en Willem van Kleef als getuigen - w.g. Willem van Schelven, Barend van der Jagt, Willem van Kleef, Charles 's Graeuwen, Nots.Pub: - 29.11.1756 -
(ONA Zierikzee nr. 4184 - akte 241)